home
agenda en tips
redactie
uitgeverij
links

(over) literatuur:
literatuur
recensies
tweedehands boeken

(over) veganisme:
veganisme FAQ
recepten
uit het nieuws
achtergronden bij uit het nieuws
schoenen

weblogs:
balthasarsblog
haasblog
mirjamsblog
mopperblog
nielsblog

mirjamsschrijfsels:
artikelen
columns
recensies
boek

andermensschrijfsels:
joop boer

andere projecten van (medewerkers van) De Zeepkist :
www.nielsdebeer.nl
www.voedselencyclopedie.nl www.leefbarewereld.nl

onderwerpen balthasarsblog mei 2006:
Stemming
Verval 3
Even weg
Op excursie
Verval 2
Kruidentuin
Hebban olla vogala

1ste kwart 2008
4de kwart 2007
jul/aug/sep 2007
apr/mei/jun 2007
ja/fe/ma 2007
okt/nov/dec 2006
aug/sep 2006
juli 2006
juni 2006
mei 2006
april 2006
maart 2006
februari 2006
januari 2006
2005

balthasarsblog mei 2006


27 mei 2006
Stemming

- De slijter bij wie ik een keer per week een fles drank koop is een sombere man. 'U bent m'n eerste klant vandaag. / Op de markt hiernaast zie je ook al geen mens. / Het is het weer, he! / Dat volk daar heb ik niks aan, en dan ook nog in mijn zaak gaan staan drinken! / Junks zijn het he. / En ik wil eerst altijd geld zien.' Elke week een nieuw statement, elke week hou ik m'n mond, elke week neem ik me voor om naar een ander te gaan. Behalve als ik zelf ook somber gestemd ben, zoals vandaag, dan mopper ik lekker met hem mee. 'Dat is toch geen zomer, zoals het nu is. Guur, dat is het. Herfst!' Van de weeromstuit geeft de slijter me de wind van voren: 'Wees blij meneer dat het droog is! Papiertje d'rom?' Dat laatste vraagt ie anders nooit.
- Wat trouwens ook heel treurig is: dorpskermis in de regen. In vol bedrijf, maar dan zonder klanten. Nóg treuriger is kermis in de regen te E., heel klein, maar op volle sterkte, en zonder kip. De drie potentiële klanten van vandaag kopen chips en spekkies en een gezinsfles cola in de C1000 ertegenover. En hollen dan hard met moeder en hond naar papa, die de motor al gestart heeft en de portieren op een kier heeft staan. Om met m'n slijter te spreken: 'En láng dat zo'n dag dan duurt, láng!' En de kermismuziek, die dendert maar door. Strijk en zet tot één uur in de nacht. Klanten of geen klanten.
- Op de fiets naar de stad zitten mijn benen vol yoghurt, de bovenarmen zijn van lood, m'n adem lijkt in nood. Tintelen mijn handen? Klopt mijn kop? Waar is mijn conditie? Voel ik me niet lekker doordat ik iets mankeer? Of voel ik me niet lekker omdat ik misschien iets mankeer? Ben je een held als je alles negeert, of als je alles exhibitioneert? Zeker is dat ik beter op het verkeer kan letten, en dat ik niet vergeet om de foto's op te halen, en heb ik nog wel zakgeld genoeg voor morgen?
- Het lichtpuntje van vandaag zit op de fiets van de buurvrouw drie huizen verderop, bij het stoplicht. Hoe het met de tuinbonen gaat, en de peulen en de kapucijners? En dat ze hoopt op een goed bessenjaar, want dat is zo heerlijk jam maken. En of we hun tuin niet te ruig vinden, maar dat de kinderen er zo fijn kunnen spelen. Ja, zeg ik, ja, en dat jullie dochter ('dat ene meisje') zo heerlijk uren lang kan schommelen, urenlang, heerlijk. Zo'n gesprekje dus, op de fiets, met de buurvrouw van drie huizen verderop, vanaf het stoplicht, waar de muizenissen vanzelf van op de loop gaan, waar je armen lichter van worden en de yoghurt in je benen - ja, waar is die yoghurt gebleven?
- Enfin, dinsdag dus naar de cardioloog. En binnen één minuut heb ik het gedicht gevonden waar ik onderhuids de hele tekst al naar op zoek was, Remco Campert's 'Betere tijden' - één minuut, langer is vandaag niet nodig. 'Betere tijden' uit de bundel Betere tijden (1970). Titels die vandaag van pas komen!

BETERE TIJDEN

Zomer in de stad
iedereen maakt zowaar
een beetje 'n gelukkige indruk
alles is glanzend warm
huiden en huizen
ik eet meer fruit
morgen word ik veertig
en gisteren liepen ze op de maan
geef vrede een kans
en hoop op betere tijden.


naar boven

23 mei 2006
Verval 3

- Enkele mooie reacties gehad op het gedicht van de vorige blog ('Even weg', 12 mei 06): Repos ailleurs - (Die rus is elders), van de Zuid-Afrikaanse auteur Totius. (Lezen, dat gedicht, desnoods herlezen, écht mooi!) Ook mooi, het versje van Bart Wijsman dat Remco Campert gister in zijn Volkskrantcolumn citeerde. Het gaat zo: 'Onder een grote eik / ('t mag ook best een berk zijn) / met rode All Stars / (ze mogen ook best blauw zijn) / Op 't groene gras / ('t mag ook best paars zijn) / dacht ik aan je'. En tenslotte wil ik de onbekende achtjarige aan de vergetelheid ontrukken die in 1986 of daaromtrent landelijk (?) bekend werd met de ontboezeming: 'Als de juf thee drinkt drink ik water. / Ik word meester later.' Die jongen moet nu zo'n achtentwintig jaar zijn: maar zou ie ook meester zijn?
- Hoe het ook zij: deze drie poëzietjes houden en hielden mij gister en vandaag met gemak op de been - want: 'Ik hou het op angina pectoris. Tot het tegendeel bewezen is.' Aldus mijn huisarts in zijn conclusie op enkele mededelingen mijnerzijds van wat minder gemak, zo nu en dan. Mijn directe omgeving reageerde onthutst: onmogelijk, bij jouw manier van eten en bewegen. 'En eerlijk is het al helemaal niet.' Enfin, binnenkort een cardiofietstest met bijbehorend filmpje, en nog zo wat dingetjes. Mogelijk valt er dan meer te weten. Inmiddels een gezondheidstestje van zorgverzekeraar CZ gedaan: kan nauwelijks beter. Dan voorlopig maar wat pilletjes slikken - en voor de rest: 'Gewoon voortdoen,' zoals mijn schoonmoeder zaliger placht te propageren. Zij werd vijfentachtig.
- Oja, en dan had ik het vandaag eigenlijk willen hebben over het indrukwekkende bezoek aan Berlijn, over de Atag-fabrieksmonteur die de warmtewisselaar in de cv-ketel kwam vervangen en die nu 'denkt' dat de problemen 'bestwel' over moeten zijn, over mijn achterband die plotseling en op mysterieuze wijze 'plat' stond naast de beste bakkerij van Z., over het feit dat sommige mailtjes nu net zo 'problematisch' lijken te zijn als vroeger sommige telefoontjes, over de meisjes van de volleybalvereniging die geraniums aan de deur probeerden te slijten, of over de baas van de stationsfietsenstalling die mij meer dan een halfuur aan de praat hield over zijn personeel en zijn accountant en zijn laatste acht jaren en over die onslimmeriken van een NS'ers en gemeenteambtenaren die het menen beter te weten dan een man met drieëndertig jaren ervaring in de fietsenstallingsbrache, en over ... Kortom, allemaal gesneuveld vanwege 'Verval 3'. Tja, een dag valt niet te plannen he!
- Tot slot maar even schuilen bij Jan Hanlo, natuurlijk Jan Hanlo, bij een kort vers over herfst en mist. 'En dat snapt de lezer heus wel hoor!' Nietdan?

Kroop de mist

Kroop de mist tussen de bomen?
Dan is het herfst.

Vloog de bonte kraai over het dak?
Dan is het herfst.

Zaten de blaren als vanen aan de takken?
Dan is het herfst.


naar boven

12 mei 2006
Even weg

- Als je die kop - 'Even weg' - boven de column van Jan Blokker in de Volkskrant ziet staan - dan weet je het wel. 'Even' beslaat meestal zo'n week of drie (als het niet méér is), drie weken van onthouding, van leegte, van gemis, van je handen op lege plekken slaan. Gelukkig huren ze voor die vaste plaats van Blokker geen gastcolumnist in - ervaringen van dien aard bij andere columnisten (Bril, bij voorbeeld) zijn mij nooit goed bevallen. En het is natuurlijk ook niet helemaal eerlijk: je verwacht Bril, en je krijgt iemand anders, een onbekende. En natuurlijk is dat geen eerlijke strijd voor iemand die nog niet eens begónnen is om een plek te veroveren. Mijn advies aan de krant: laat die ruimte leeg, voor de duur van het 'even weg', of plaats er een foto van Blokker op de waterglijbaan of achterop het paard van Willem de Zwijger.
- Nou ben ik geen echte columnist, geen Blokker, en ook geen Bril. Dus ik denk niet dat iemand mij zal missen. Maar voor die énkele lezer van de Balthasarsblog is het toch netjes om te melden dat ik 'even weg' ben. En 'even' is bij mij 'even', een weekje dus. En 'weg' is bij mij ook 'weg', in dit geval Berlijn - voor sommige mensen is dat niet echt 'weg', maar voor mij wel - vijf uur sporen met de sneltrein, een andere taal spreken, in vreemde bedden slapen, zwaarwegend historische plaatsen bezoeken. En anders eten natuurlijk, Duitse kranten lezen, moderne wereldarchitectuur beleven, het Holocaust-Mahnmal bezoeken. Het was al een belevenis op zich om als voorbereiding het boek van Philip Remarque te lezen: 'Boze geesten van Berlijn'. Die man heeft jaren in Berlijn gewoond en gewerkt als correspondent voor de Volkskrant, én die man kan schrijven!
- Tijdens die 'even weg'-periode komt de redactie van De Zeepkist hier logeren (met camera hoop ik). Of minstens een deel van de redactie (Niels!), en misschien wel uitgebreid met 'dat dunne vrolijke meisje, dat zo graag in het koor zingt'. Ik heb vanmiddag de tent voor hen opgezet, met vrij uitzicht op onze moestuin en de speeltuigen van de buurkinderen. Ter informatie van de redactie: de mei-vakantie van deze joelers is dit weekend afgelopen. Daar staat tegenover dat buurman zelf des avonds graag aan een omheininkje timmert. En twee keer per uur boemelt er een vriendelijk treintje voorbij - maar zet dat af tegen de onnoemelijke rijkdom van de fruitbomentuin, de siertuin, de moestuin en ál die aardbeienplanten, én het tentje natuurlijk - en geniet!
- En als jullie 's avonds de tentlamp aan hebben, en de slaap nog niet kunnen vatten ondanks de avondlijke donkerte en ritselende stilte, en behoefte hebben aan een vriendelijk en vrolijk leeswerkje - lees dan onderstaand vers van de Zuid-Afrikaanse dichter Totius (1877-1953) - en geniet opnieuw! Hardop lezen, dan genieten jullie dubbel! Het vers 'Repos ailleurs' komt uit de verzamelbundel Digters uit Suid-Afrika, 1921.

REPOS AILLEURS - (Die rus is elders)

In die eensame veld
staan 'n tentjie klein,
en daarnaas in die skeemring
skuif die ligtende trein;
ek sien in die tentjie,
deur die ope gordyn,
'n tafel met bordjies
en glasies fyn,
wat sag in die lig
van 'n kersie skyn;
en ek dag: 'was ek net
in die tentjie klein -

ek sou tog, o so gelukkig, syn'.

Naas die eensame tent
staan 'n meisie klein
in stomme bewondering
vir die ligtende trein;
sy sien my geniet
my glansende wyn
en kostlike maal
by elektrise skyn;
en ek raai die gedagte
van die meisie klein:
'og, was ek maar net
in die vrolike trein -

ek sou tog, o so gelukkig, syn'.

naar boven

9 mei 2006
Op excursie

- Zondag met zo'n vijfentwintig familieleden en per fiets op excursie geweest: herinrichting van een deel Brabants Landschap, langs de rivier de Dommel, ter hoogte van St.-M. En met als spectaculairste onderdeel de aanleg van een bijna-éénkilometerlange 'vistrap' - verdeeld over elf 'treden' wordt een verval van één (zegge: één) meter overbrugd. Met per trede drie doorgangen voor drie soorten stroomopwaarts zwemmende vissen: de bodemzwemmers, de middelzwemmers en de oppervlaktezwemmers. Door middel van lokstromen worden die vissen geacht telkens de juiste doorgang te vinden. Zwager M., die de uitvoering van het project en tevens de excursie leidt, kan bij doorvragen zelf zijn ongeloof ook niet helemaal onderdrukken. Over een jaar, als de situatie zich enigszins uitgekristalliseerd heeft, zullen we het 'driesoortenvissengedrag' persoonlijk gaan controleren - zo luidt na afloop de afspraak.
- De uitvoering van de elf treetjes zelf blijkt een wonder van vernuft, uitgedacht door ecologen van Het Brabants Landschap - en uitgetest in het riviertje De Beerze bij E. Ons eerder gemelde ongeloof wordt hierdoor danig aan het wankelen gebracht. Drie betonnen bergjes in de volle breedte van het water naast elkaar, met bovenop telkens een kloeke steenklomp - en met weer ander formaat steenklompen aan voorvoet en achtervoet van de betonbergjes. En dat alles op exact van tevoren berekende hoogtes. Ik zie de bijbehorende kolkjes al voor me, ook al zit er nog geen water in de bedding. Tevens blijkt het een heidens karwei geweest te zijn om steeds steenklompen van de juiste vorm en het juiste formaat te vinden. Sommige werknemers zijn er nóg moe van, wordt ons gemeld, terwijl de ecologen toeschietelijker werden naarmate de tijd begon te dringen.
- Om me heen hoor ik veel goedkeurend gemompel, geïnteresseerde vragen - maar toch ook enige skepsis. Wie betaalt dat allemaal? De belastingbetaler! Zijn de mensen die hier in de omgeving wonen en werken er allemaal wel zo blij mee dat er weer wetlands terugkomen op de plaats van de akkers en weilanden? Vroegere boeren zijn of allemaal verdwenen of uitgekocht. Waarom kunnen ze de natuur niet gewoon met rust laten? Tja, het wordt een echt recreatief landschap hier, met overstapjes en leuningloze bruggetjes: avontuurlijk, en toch te doen. Is toch goed, niet dan? Ik hoop dat er bordjes komen bij de bomen die gespaard moesten blijven bij de aanleg van de vistrap: waarom moest dat en hoeveel geld heeft dat per boom wel niet gekost? Zeker, om sommige bomen zijn complete kunstwerken gebouwd, maar is hier niet veel van het wortelstelsel verdwenen? Nou kijk, op grond van de stand van de takken en de heersende winden konden de ecologen (daar heb je ze weer) bepalen hoe de boomwortels lopen - en dus hoe er om de boom heen gegraven kon worden. Daar stond ik wel paf van. Net als bijna alle andere excursisten.
- 's Avonds op tv ging het (weer) over de schrijnende ellende in Darfur, en de rampzalige overstromingen in Suriname. Ik kon de Brabantse vistrap even helemaal niet meer plaatsen: waar geven wij ons geld aan uit? Zijn de verhoudingen niet helemaal zoek? Ik dacht er uit te komen via een variant op de bijbelse uitspraak 'Geef aan God wat God toekomt, en aan de keizer wat de keizer toekomt.' De mens blijft verscheurd tussen kool en geit. En tevreden was hij niet.
- Enfin, als ik het even niet meer weet is daar altijd nog de poëzie. Niet dat ze het daar altijd zo goed weten - maar ze weten het vaak zo verdomd goed op te schrijven. Maar weer eens een adembrengend voorbeeld van Wislawa Szymborska, die meesterdichteres uit Polen. De vertaling is van Gerard Rasch. Het gedicht staat in 'Einde en begin - Gedichten 1957-1997'.

EEN GROOT GELUK

Het is een groot geluk
om niet precies te weten
op wat voor wereld we leven.

Daarvoor zouden we
heel lang moeten bestaan,
beslist langer
dan de wereld bestaat.

Alleen al om te vergelijken
andere werelden moeten kennen.

Uitstijgen boven het lichaam,
dat in niets zo uitblinkt als in
beperken en
moeilijkheden scheppen.

Ter wille van het onderzoek,
het overzicht
en de definitieve conclusies
boven de tijd uitstijgen
waarin alles maar voortijlt en wervelt.

In dat perspectief -
zeg voor altijd vaarwel
tegen details, episodes.

Het tellen van de dagen van de week
zou dan een bezigheid
zonder zin moeten lijken,

een brief op de bus doen
een dwaze kwajongensstreek,

het opschrift 'het gras niet betreden'
een krankzinnig verbod.


naar boven

6 mei 2006
Verval 2

- 'Meneer B.?' / 'Ja, dat ben ik. Dag mevrouw D.' / 'U bent hier nieuw. Bent u al eens eerder bij een pedicure geweest?' / 'Nee, nooit. Daarom heb ik maar een handdoek meegenomen. Ik wist niet of dat gebruikelijk is.' / 'Nou, dat was heel vroeger misschien zo. Tegenwoordig is dat niet meer nodig, dat ziet u zo wel. Gaat u hier maar zitten.' / 'Tjee, dat zit lekker hoog, ik kan met m'n benen bungelen.' / 'Ja, dat is beter voor mij. Kijk, als ik hier op mijn krukje zit, en u legt daar uw voet in het bakje, dan spaar ík mijn rug. Uw andere voet kunt u op dit krukje zetten.' / 'Aha, gaat dat zo!' / 'Zo gaat dat. En wat zijn de klachten?'
- Tja, dat kun je nog zo goed voorbereiden, het blijft lastig om in twee zinnen je verhaal te vertellen. En het komt er altijd toch weer anders uit. 'Goed, zullen we dan de hele voet maar eens onderhanden nemen?' zegt mevrouw D. kordaat en geroutineerd. Ik knik, waarschijnlijk schaapachtig. Een pedicure is een tandarts, alleen kun je nu goed zien wat ze allemaal voor instrumenten op je loslaat, ronduit im-po-ne-rend - het is dat de operatie-assistente ontbreekt. Je kijkt haar op de vingers, maar daar heb je alleen zelf last van. Mevrouw D. boort en lepelt en snijdt en vijlt en dept me wat af! En ondertussen houdt ze ook nog het gesprek gaande: waar ik vandaan kom, wat ik voor werk doe, VUT of gepensioneerd?, of ik sandalen draag, maar dat u geen auto rijdt - hoogst opmerkelijk!, mag ik u een tip geven om de ruimte tussen de tenen na het douchen nóg droger te krijgen?, dat het gebruikelijk is om om de zes weken terug te komen, zo - en nu de andere voet graag.
- Na een uur, ja een uur!, ben ik klaar. Beter gezegd, is mevrouw D. klaar. En staat er een nieuwe afspraak voor augustus in de boeken - ja, ziet u, in de zomer is de praktijk zes weken gesloten en het loopt alweer aardig vol - dat moet u kunnen redden na vandaag. 'En hoe voelt het nu?' / 'Grandioos, mevrouw D. Nog nooit zijn mijn voeten zó vertroeteld. En van die ingroeiende teennagel voel ik nu helemaal niks meer. Okee, de rechter grote teen is wat gevoelig nu die schimmelnagel er bijna helemaal af is, maar daar kan ik 's nachts dus een pleister op doen zolang als het nodig is. Ga ik u contant betalen?' / 'Heel graag, meneer B. Dat is dan 23 euro, kunt u passen? Geweldig! En denkt u er aan dat u nooit te kleine schoenen koopt! Bij oudere mensen...'
- Ik trakteer mezelf op een lekker fietstochtje naar de stad, om een te klein gekocht T-shirt (M) om te ruilen voor een L. Deze actie loopt ronduit gesmeerd, de mensen zijn aardig en ze hebben inderdaad nog een L. Dubbel tevreden peddel ik naar huis - ik peddel ja, want het is bloedmooi weer. Heerlijk om nog even in de tuin te werken. Maar eerst even een pleister op die rechter grote teen doen. Na gedane arbeid ga ik douchen en me omkleden. En zodadelijk een heerlijk warmweerpilsje drinken! Ik doe m'n nieuwe T-shirt aan, de L. Opnieuw te krap! Wat is dat toch met die maten tegenwoordig??? 'Tja meneer, bij oudere mensen...'
- Nooit gedacht dat het gedicht 'Beroepskeuze' van Judith Herzberg (uit de bundel Beemdgras) me nog eens zo spontaan te binnen zou schieten - over Verval, maar dan omgekeerd.

BEROEPSKEUZE

En toen ze vroegen wat ze later wilde worden
zei ze 'Graag invalide' en zag zich al,
benen onbewegelijk in bruin-geruite plaid
door toegewijde man en bleke zonen
voortgeduwd, geen zegel zelf te plakken,
geen brief te schrijven, geen reis te maken.
Dan zou ze eindelijk echt vrij zijn
zo treurig kijken als ze wou, in winkels
voor haar beurt gaan, bij optochten
vooraan staan, geen mooie kleren aan
en elke avond zachtjes snikkend
zou ze zeggen heus niet om mij
maar om die last voor jou.
En beide zonen zouden altijd
bij haar blijven, hun leven
aan haar wijden en nooit
zou haar iets overkomen,
nooit, nooit zou ze slijten.


naar boven

3 mei 2006
Kruidentuin

- De vorige eigenaren van dit perceel hebben achter het huis een aantal terrassen aan laten leggen: mooi bestraat met roodachtige stenen en steentjes. In de loop van de jaren zijn verschillende van die stenen en steentjes in de verzakking geraakt: molswerk? Hoe dan ook, die kuilen moet ik nodig eens aanpakken. Gister heb ik daartoe wat oefenwerk verricht. Ten behoeve van een kruidentuintje 'dicht bij de keuken' heb ik een drie meter x 50 centimeter lange strook stenen langs de bijkeukenmuur verwijderd. Dat ging betrekkelijk snel - toen ik de eerste steen er eenmaal uit had.
- Maar... toen ik het scherpe zand begon uit te graven, bood de daaronder liggende bodem keihard verzet. Vier grote kruiwagens afvalstenen waren mijn deel: hele en halve muurstenen, gigantische kloostermoppen, grove stukken beton, gespleten dakpannen, en het nodige kleingoed. En dan te bedenken dat ik niet dieper dan 60 centimeter gegaan ben! In een van onze vorige tuinen heb ik ook al eens zoiets mee moeten maken: wat is dat toch met aannemers, dat ze te beroerd zijn om hun afval ordentelijk op te ruimen? Enfin, in onze tuin liggen nu op drie verschillende plaatsen de gevolgen van mijn graafwerk: een berg scherp zand, een berg leemachtig zand, een enorme berg afvalstenen. Dat scherpe zand krijg ik nog wel gebruikt - voor die kuilen bij voorbeeld. Maar voor die stenen moet ik nog een aannemer zien te interesseren...
- Tegen vijven, toen de tien zakken zwart zand er eenmaal in zaten, was ik bekaf. Bedenk wel dat ik daarvóór nog alle steenranden zo heb moeten stutten en aanaarden dat ze niet meteen instorten als in het vervolg iemand geïnteresseerd bij onze nieuwe kruidentuin hurkt. En dan nog dat harken, en dat aanvegen en dat alles opruimen - achteraf was het nét iets te veel van het goede voor een eenvoudige ex-kantoorklerk.
- Vandaag was ik een goed uurtje op pad om - dat doet er nou even niet toe. Kom ik terug, en wat zien ik? Een bijkans compleet ingericht 'kruidentuintje dicht bij de keuken'. Met mooie buxusplantjes als afzetting, en de eerste tien kruiderijen 'voor dicht bij de keuken' al op hun eigen plek. M. maakt daar verder geen praat van, die doet dat gewoon even, en zónder gekreun! Kan ik nog wat van leren.
- Kortom, alweer een plannetje gerealiseerd. Nu die kuilen nog. Even zien of zestiende-eeuwse Suster Bertken misschien troost biedt:

IC WAS IN MIJN HOOFKIJN

Ic was in mijn hoofkijn [tuintje] om cruyt gegaen,
Ic en vanter niet dan distel ende doorn staen.

Den distel ende den doorn die werp [wierp] ic uut;
Ic soude gaerne planten ander cruyt.

Nu heb ic een gevonden dye gaerden [tuinieren] can:
Hi wil die sorgen gaerne nemen an.

[...]


naar boven

30 april 2006
Hebban olla vogala

- Vier jaar geleden maakte ik het voorjaar hier voor het eerst mee. De winter eraanvoorafgaand was ik al verrast geweest door de stilte en de donkerte, alles in het betrekkelijke natuurlijk. En nu, goed en wel na de overgang naar de zomertijd, begonnen de ochtendgeluiden steeds heviger aan te dringen. Zo tussen vijf en zes heerst het uur van de vogel, of - zoals ik destijds aan mijn dochter schreef - : de dag breekt hier niet áán, de dag breekt hier uít! En ook in dit vierde voorjaar is het niet anders: het vogelconcert maakt de dag wakker, en heeft als topsolo de roep van de merel: ‘Weetjewatis?Weetjewatis?’ Met de nadruk op ‘is?’ en nogmaals ‘is?’. En dat een vol uur lang.
- Dezelfde merel - maar het kan ook best zijn neef geweest zijn - begon enkele weken geleden in de conifeer op ons achterterras zijn nest te bouwen. Samen met zijn (of haar, daar kan ik geen uitsluitsel over geven) partner. Op goed twee meter hoogte ontstond een fors toegangsgat in de dichte conifeerstructuur, waar heel wat bouwmateriaal doorheen ging. Aanvliegroutes met beduidend wit poepspoor ontstonden vanaf het bijkeukendak en de Noorse esdoorn in de achtertuin.
- Al te voorzichtig vond ik ze niet, die twee, eerder een beetje slordig. En ijverig, beslist. Maar ineens was het afgelopen. En na een dag wist ik het zeker: de vogels zijn gevlogen. Op een trapje inspecteerde ik het gat in de conifeer, en zijn inhoud: een grove bal gevlochten takjes en troepjes. Een nest zou ik het niet willen noemen. Eerder een mislukte bolwoning. De bal of bol liet ik zitten, het gat heb ik zo goed en zo kwaad als het ging toegevlochten. Zó gemakkelijk hoef ik de conifeer nou ook weer niet weg te geven.
- Daarna loop ik nog even door de tuin, kleine inspectie van grote rijkdom. Er zijn dit jaar wel heel veel pinksterbloemen, en ook het zevenblad is met moeite buiten de perken te houden. De hosta’s groeien als kool, en in de moestuin staan de tuinbonen en peulen er kwetsbaar bij – sappige prooi voor duiven en aaltjes. Kijk, daar loopt de rode kater van de buren, parmantig nogal. Hij houdt erg van onze tuin. En van merels?
- Hoe het ook zij: het voorjaar is de tijd van ‘hebban olla vogala’, een penneprobeersel van een schrijvende monnik - in de woorden van Frits van Oostrom: ‘Met zijn dertien woordjes is dit tegelijk veruit de langste zelfstandige tekst in het Oudnederlands én de eerste voluit literaire in de Nederlandse taal.’

Hebban olla vogala

Hebban olla vogala nestas hagunnan,
Hinase hic enda thu.
Wat unbidan we nu?*

*Zijn alle vogels nesten begonnen
Behalve ik en jij.
Waar wachten we nog op?


naar boven

Bio Balthasar
Kenmerken:
Altijd ietwat gehaast, nogal opruimerig van aard, verbalistisch ingesteld, tamelijk eigenwijs, kan nochtans goed luisteren. Lekkerste verjaardagseten: 1952 (aardappelen, bruine bonen, sla, hard gebakken spek). En o nog zoveel meer.
Houdt van:
Literatuur, poëzie, geschiedenis, moderne beeldende kunst, woeste luchten en landschappen met lage horizon, wandelen, natscheren en klassieke muziek, thuiskomen en o nog zoveel meer.
Hekel aan:
Loslopende honden (maar vooral die baasjes!), elke vorm van extremisme, machismo, bladblazers en alle andere vormen van teringherrie, tempeh en o nog zoveel meer.

reageren?
balthasar at de-zeepkist.nl
webdesign: Mirjam Vaes